Het programma van advies, ondersteuning en gedragstherapie

ADHD wordt niet veroorzaakt door slechte ouders of slechte leerkrachten. Maar uit onderzoek blijkt wel dat het gedrag en de concentratie van een kind of een jongere met ADHD kunnen verbeteren als ouders en leerkrachten een gestructureerd programma volgen waarin ze advies en ondersteuning krijgen. De kans dat het gedrag verder achteruitgaat, wordt daarmee ook kleiner. De therapeuten werken met de kinderen, hun ouders en hun leerkrachten, apart of in groepen. Zo kunnen ouders of leerkrachten specifiek leren hoe ze het best op het gedrag van een kind met ADHD kunnen reageren en manieren leren om het beste uit het kind te halen.

Wat leer je nou bij zo’n programma?

  • Je leert om je op bepaalde probleemmomenten of -situaties te richten (bijv. etenstijd, de tijd waarop het kind zich moet klaarmaken voor school, het begin van de les) en te kijken hoe het gedrag van het kind zich over een langere periode ontwikkelt.
  • Je leert vooraf te bedenken wat je zult doen wanneer je kind zich goed of slecht gedraagt – en dit dan consequent vol te houden.
  • Je leert technieken te ontwikkelen om je kind te laten luisteren (bijv. oogcontact, één ding tegelijkertijd doen, zeggen wat het kind wel moet doen in plaats van wat het niet moet doen).
  • Je leert beloningssystemen en afspraken toe te passen.
  • Je leert een ‘time-out’ op te leggen als sanctie.

Verder krijg je nog veel meer tips. Zie ook de '15 tips voor ouders’.

Bij sommige kinderen en jongeren werkt individuele therapie goed. Daarbij leren ze van een therapeut hun eigen gedrag te bekijken en dit gedrag beter te beheersen.